Interview met Raïssa, projectmedewerker voor InQlusion

Om te beginnen, vertel ons wat over je achtergrond.

Ik ben geboren in een Congolese familie. Dat is een belangrijk aspect van wie ik nu ben: een zwarte vrouw, maar ook met de culturele rijkdom van die mengeling van twee continenten. Dezelfde cocktail die je vindt in Brussel, een bruisende en opwindende stad dankzij de diversiteit en de vele verschillende identiteiten.

Ik heb rechten gestudeerd aan de UCL en vervolgens heb ik me twee jaar gespecialiseerd in bemiddeling binnen een interuniversitair project. Ik wil me ervan bewust blijven dat studeren aan de universiteit een privilege is, dat soms ook je blik op de zaken verengt. Dat is iets wat je niet uit het oog mag verliezen als je een standpunt inneemt. Je moet altijd weten vanuit welke positie je spreekt en met welke middelen, en niet vergeten dat er ook andere visies en werelden bestaan, die evenveel bestaansrecht hebben. Je kijk op de wereld kunnen verruimen, samenwerken, inclusief zijn.

Recht is voor mij gewoon één van de vele middelen die je als burger ter beschikking hebt. Ik wil mijn kennis ervan ten dienste stellen van mijn overtuigingen en van meer sociale rechtvaardigheid. Bemiddeling beantwoordt aan de behoefte om standpunten niet tot in het oneindige tegenover mekaar te stellen, maar om te zoeken naar een gemeenschappelijke basis. Rekening houden met verschillende standpunten om tot een concreet resultaat te komen qua samenleven. Zowel op kleine als op grote schaal..

Nochtans denk ik ook dat het soms niet mogelijk is, over sommige zaken valt niet te onderhandelen. Ik denk dan aan de strijd tegen LGBTQI+fobie, seksisme, racisme, validisme, discriminatie op basis van sociale afkomst en al die verschillende maar gelinkte vormen van discriminatie die het dagelijkse leven ondraaglijk maken voor heel veel mensen en vaak veel geweld in zich dragen. Waardoor sommige plaatsen ontoegankelijk zijn omdat ze niet inclusief zijn.

Het is uit interesse voor al deze dingen dat ik drie jaar gewerkt heb als opleider in een vzw voor permanente vorming die werkt rond sensibilisering voor het burgerschap. Daar kreeg ik de kans om te werken met mensen uit verschillende leeftijdsgroepen en sociale milieus. Ik hield veel van het contact met het publiek, ik leerde samen met hen en het gaf me de gelegenheid om na te denken over mijn eigen positie in deze gewelddadige, maar ook rijke, complexe en veranderende maatschappij.

Tussen al deze academische en professionele ervaringen, kreeg ik ook de kans om te reizen en verschillende delen van de wereld te zien. Mijn ontmoeting met Braziliaanse studenten en het feit dat ze me accepteerden tijdens de bezetting van hun universiteit (tegen de hervormingen van de regering Temer die Dilma Roussef had verslaan midden in haar mandaat), heeft mijn verhouding ten opzichte van sociale kwesties en strijd, identiteiten en het reizen grondig veranderd. Dat zal altijd één van de meest markante ervaringen in mijn leven blijven. Het startpunt voor heel veel dingen, vooral het idee dat we het uiteindelijk moeten doen met wat we hebben en wat we zijn, maar dat je jezelf trouw moet blijven en er volop moet voor gaan. Dat je om écht iemand anders te ontmoeten je altijd opnieuw de vraag moet stellen wie we zelf echt zijn en wie de Ander werkelijk is. Anders is er geen authentiek en gelijkwaardig contact mogelijk.

Het is door het engagement van deze jongeren te zien in hun land – een aantrekkelijk land op vele vlakken, maar ook heel erg complex, zeker voor een buitenlander als ik –  dat ik me echt vragen ben beginnen stellen over ons land, België, en de plaats die ik in onze maatschappij wil innemen.

 

Kun je ons vertellen wat je job bij RainbowHouse inhoudt?

Binnen RainbowHouse, naast de teamtaken en de dingen waar we allemaal mee bezig zijn, ben ik voornamelijk verantwoordelijk voor het project InQlusion, binnen permanente vorming.

Mijn taak is om LGBTQI+ asielzoekers te begeleiden. Zij worden geconfronteerd met het geweld van zowel migratie als van hun LGBT identiteit waarvoor ze hun land ontvluchten. Zij vormen de kern van mijn werk, zowel wanneer ik opleidingen geef om de verschillende sociale partners te sensibiliseren rond deze specifieke thematiek, als wanneer ik rechtstreeks contact heb met hen, in groepsactiviteiten of individuele gesprekken.

Mijn voorganger, Oliviero Aseglio, heeft bergen werk verzet hierrond. Hij heeft een zeer goede basis gelegd waar ik verder op kan werken. Ik zou graag zijn werk verderzetten, zorgen voor meer zichtbaarheid voor ons publiek en strijden voor hun veiligheid en ontplooiing, ondanks de moeilijke omstandigheden waarin ik hen ontmoet. Ik sta er uiteraard niet alleen voor, naast een geweldige ploeg kan ik ook rekenen op de hulp van zeer betrokken en competente vrijwilligers.

Wat vind jij het leukst aan je werk?

Zonder enige twijfel het feit dat ik de kans heb om een zinvol werk te doen dat me enorm motiveert. Soms is het opletten omdat er zo een dunne lijn is tussen werk en persoonlijk engagement, dat je je daarin makkelijk kunt verliezen. Maar ik heb het liever zo dan een job uitoefenen die me niet interesseert en die uiteindelijk alleen gaat om geld verdienen.

In RainbowHouse kunnen we echt dingen in beweging brengen en dat drijft me enorm, die mogelijkheden om iets te doen en om impact te hebben, niet ik persoonlijk, maar ik als lid van deze instelling.

Ik ben er ook heel trots op dat ik werk op een plek die zich inzet tegen discriminatie en dus ook voortdurend de eigen manier van werken in vraag stelt. Bovendien blijft het niet abstract want RainbowHouse is ook een plek waar je mensen kunt ontmoeten. Waar je andere leden van de gemeenschap kunt leren kennen, want we kennen mekaar niet altijd goed. Het acroniem LGBTQI groepeert heel erg verschillende ervaringen, identiteiten en maatschappelijke posities – ook bondgenoten en vrienden zijn welkom, en iedereen die achter ons staat. Het is ook een plek waar mensen op adem kunnen komen, gewoon even zichzelf kunnen zijn en dat is belangrijk in een maatschappij waar er nog veel werk is voor iedereen zich veilig en vrij voelt, overal en op eender welk uur, ondanks alle vooruitgang die er al geweest is. Binnen onze muren kan dat en we moeten er alles aan doen opdat dit huis een toevluchtsoord en een plaats van samenhorigheid blijft voor alle personen die het vertegenwoordigt.